Karateschool Bezemer

The way to practice martial arts is not fighting. Always look for your own inner peace and harmony, search for it.

De oprichting

 KARATESCHOOL BEZEMER is opgericht in 1978 door Gerrit Bezemer en aangesloten bij de Karate-do Bond Nederland en het NOC*NSF. KARATE, letterlijk de kunst om met de lege hand te vechten, is een vechtkunst waarbij gebruik wordt gemaakt van vuist- en voettechnieken. Door de systematische training van bepaalde technieken, zoals het afweren van aanvallen en het plaatsen van tegenaanvallen, kan het menselijke lichaam zich als een doeltreffend wapen ontwikkelen. Het moderne Karate bestaat uit zelfverdediging en wedstrijdsport, maar de grootste groep beoefent het Karate om lichamelijk fit te worden en te blijven. Op de trainingen komen onderdelen als snelheid, kracht, durf en bewegingsinzicht aan de orde. Ook heeft Karate een positieve werking op het zelfvertrouwen. Vaak wordt Karate in verband gebracht met zinloos geweld, maar normen en waarden zijn juist bij Karate erg belangrijk. Respect voor elkaar staat bij ons hoog in het vaandel. Jezelf kunnen beheersen is ook een belangrijk onderdeel van de karatetraining. Karate is daarom niet ontwikkeld om iemand zomaar aan te vallen, maar je mag jezelf wel verdedigen. Een goede vechtsporter weet ook hoe hij een gevecht moet ontwijken. Uiteraard leer je dit niet in een paar lessen, je moet er serieus mee bezig zijn. Onderdelen die getraind worden zijn kihon, kata en kumite. Kihon betekent ‘basis’. De combinaties van basistechnieken zijn onuitputtelijk, waardoor een karateka onvoorspelbaar op gevechtssituaties leert reageren. Kata is een denkbeeldig gevecht tegen meerdere tegenstanders die uit verschillende richtingen komen. Ten slotte wordt de nodige aandacht besteed aan het kumite, het vechten, hierin worden de technieken uit kihon en kata toegepast. 

KARATE HISTORIE [Daruma Taishi] Rond het jaar 500 reisde Daruma Taishi, een boeddhistische monnik, over land van India naar China. Over de lichamelijke conditie van deze monnik hoeven we weinig te zeggen, wanneer we weten dat het zelfs vandaag nog praktisch onmogelijk is deze weg te voet af te leggen. Het doel van zijn reis was het klooster Shaolin-Szu in de provincie Honan, waar hij de monniken van de Liang-dynastie zou onderwijzen in de laatste leerstellingen van het boeddhisme. In het klooster aangekomen, voerde hij een zeer streng bewind in. Deze discipline was zelfs zo zwaar, dat de meeste priesters de strenge regels niet konden naleven. Bij de oefeningen vielen velen van hen herhaaldelijk flauw en stierven bijna van uitputting. Daruma verwonderde zich hierover. Hij hield een bijeenkomst waarbij iedereen in het klooster aanwezig diende te zijn. Tijdens deze vergadering besprak hij de algemene conditie van de priesters en verkondigde hij zijn grondstelling: “Lichaam en geest dienen één te zijn.” Alleen wanneer de psyche en het lichaam even sterk zijn, kan men het einddoel van de boeddhistische heilsleer bereiken. Hij zag lichaam en ziel als onafscheidelijk. Is het lichaam te zwak, dan schiet de geest onherroepelijk te kort in het uitoefenen van zijn taak. En dan wordt het ook onmogelijk zich voldoende te concentreren tijdens de noodzakelijke en langdurige meditaties. Om deze lichamelijke harding te bereiken voerde Daruma een trainingsschema in. Onder andere was daarin een methode opgenomen van ongewapend vechten. Dankzij deze training kregen de monniken van Shaolin-Szu de reputatie de beste ongewapende vechters van heel China te zijn. Nadat het nut van Daruma’s trainingssysteem vaststond, namen veel andere kloosters zijn methode in het schema op. Later werd deze vechtkunst bekend als Shaolin-Szu’s weg van de vuisten, deze vechtkunst werd de basis van het hedendaagse Chinese boksen. [Okinawa-te] De Chinese invloed op het eiland Okinawa is een gevolg van het feit dat er heel lang handel is gedreven tussen beide gebieden. Rond 1600, de periode van hoogconjunctuur van de Chinese zeerovers, ging men ertoe over de handelsschepen te verenigen tot een soort konvooien, begeleid door Chinese gevechtseenheden. De bemanning van deze ‘vechtschepen’ was voor het merendeel vertrouwd met Chinese gevechtsmethoden voor ongewapenden, zoals het Chuan-Fa en het Kempo, terwijl veel opvarenden meesters waren in deze vechtsporten. Ook op het eiland Okinawa was het ongewapend vechten bekend geworden, zij het in een andere stijl. De meesters van Okinawa waren onmiddellijk geïnteresseerd in de Chinese technieken en de Chinezen in de Okinawase methoden. Van die tijd af nam men technieken van elkaar over, men wisselde gegevens uit en combineerde diverse methoden. Hieruit ontstond het nu beroemde Okinawa-te, de eigen stijl van Okinawa, die nu bekend is onder de naam Karate, dat ‘lege hand’ betekent. [Gichin Funakoshi] De man die het Karate uiteindelijk in Japan invoerde, het daar bekend maakte en propageerde, was sensei (leraar) Gichin Funakoshi. Deze grondlegger en vader van het Japanse Karate werd in 1869 in Shuri, Okinawa, geboren. Op zijn elfde jaar kwam hij voor het eerst in een karate-dojo. Vanaf de eerste dag toonde hij dat hij aanleg had voor Karate en daarmee begon zijn verbluffende carrière. Op Okinawa studeerde hij Karate onder twee erkende grootmeesters op dat gebied. Na de dood van deze meesters werd Funakoshi als hun opvolger erkend door zijn reputatie als beste vechter van Okinawa. Op uitnodiging van het Japanse ministerie arriveerde hij in 1917 in Japan, waar hij lezingen en demonstraties gaf aan diverse universiteiten. In 1922 kwam de tweede uitnodiging, maar dit keer vanwege een grote groep karateka’s die zich na zijn lezingen en demonstraties geformeerd had. Al deze karateka’s waren studenten, en vrij hecht georganiseerd. Deze keer bleef Funakoshi in Japan. Het Karate verbreidde zich verbluffend snel en aan Funakoshi werd de titel van shihan (hoofdleraar) aangeboden. Funakoshi aanvaardde deze titel en tot zijn dood op 15 april 1957 bleef hij shihan. Het overlijden van Funakoshi deed de hechte organisatie uiteenvallen in verschillende groeperingen die allemaal een min of meer eigen stijl onderwijzen. De stijl welke wij in onze Karateschool beoefenen, is het WADO RYU KARATE-DO de grondlegger van deze stijl is Hironori Otsuka 1892-1982.

 

Hironori Ohtsuka

Wat is Wado Ryu Karate-do? Het wordt gekenmerkt door realistische technieken, die op een natuurlijke, soepele manier worden uitgevoerd. Op elke aanval van de tegenstander wordt gereageerd met een ontwijking en een gelijktijdige tegenaanval. Slagen, trappen en stoten worden gevolgd door klemmen en worpen. Alle overbodige spanning en bewegingen worden achterwege gelaten, zodat met een minimaal energieverbruik een maximaal effect wordt behaald. Daardoor is het een goede training voor zelfverdediging, ook voor vrouwen en kinderen. Wado Ryu is een stijl die een combinatie vormt van het Okinawaanse Karate en het Jujutsu van de Samurai. Aan de eerste worden grote atletische technieken en kata’s ontleend. Aan de tweede snelle, uiterst efficiënte aanvallen naar kwetsbare punten, de klemmen en worpen en de geavanceerde lichaamsverplaatsingen. [Hironori Ohtsuka] Wado Ryu is een unieke vorm van Karate die ontwikkeld is door professor Hironori Ohtsuka. Deze bijzonder begaafde budoka werd in 1892 geboren in Ibaragi in de buurt van Tokio. Hij bestudeerde eerst jarenlang het Yoshin Ryu Jujitsu, waarin hij zich op vrij jonge leeftijd al ontwikkelde tot een ware meester. In 1922 woonde Ohtsuka, op aanraden van een vriend, een demonstratie van het Karate door Funakoshi bij, in de dojo van Jigoro Kano, de oprichter van het Judo. Onmiddellijk zag hij welke verrijking deze vechtmethode kon zijn voor het Jujitsu dat hij had geleerd. Funakoshi legde uit dat hij ongeveer vijftien oefenvormen van het kata kende, die een budo-expert volgens hem in ongeveer twee jaar zou kunnen leren. Ohtsuka ging samenwerken met Funakoshi en maakte zich de kata’s in anderhalf jaar eigen. Vanuit zijn Jujitsu-achtergrond meende Ohtsuka dat enkele technieken in de kata’s in de praktijk onuitvoerbaar waren en hij wilde naar Okinawa gaan om dit uitgebreider te bestuderen. Maar toen deed zich een gelegenheid voor om het Okinawa Karate te demonstreren tijdens een budogala in het keizerlijke paleis. Omdat Funakoshi en Ohtsuka beiden meer wilden laten zien dan de solovormen van de kata’s, werkte Ohtsuka een aantal karatevormen voor een aanvaller en verdediger uit volgens het trainingsmodel van Jujitsu. De demonstratie, waarmee ze ongewapende verdedigingen tegen aanvallen met het zwaard lieten zien, werd een groot succes. Er ontstond een enorme belangstelling voor het Karate en Ohtsuka gaf enige tijd les naast Funakosi. Op grond van zijn Jujitsu ervaring wilde Ohtsuka het vrije vechten met een tegenstander invoeren naast de kata’s en basistechnieken. In het Japanse Jujitsu dat hij tot nu toe had beoefend, was kata altijd al een voorbereiding op het vrijvechten geweest. Deze visie week te ver af van het traditionele Karate-do waaraan Funakoshi wilde vasthouden en de twee meesters gingen uiteen. [Wado Ryu] Ohtsuka werkte de combinaties van Jujitsu en Karate verder uit en in 1934 opende hij een eigen dojo in Tokio. Het duurde echter nog tot 1938 voordat hij zijn werk opgaf en hij zich volledig op het lesgeven begon te richtten. Op dat moment gaf hij de naam Wado Ryu aan zijn school. Het zou echter nog tot na de oorlog duren voordat het Karate verder werd verspreid, aanvankelijk via de universiteiten. In het begin van de jaren vijftig werden onder de studenten de eerste gevechten gehouden, waarbij nog weinig spraken van regelgeving was. De controle was niet best en het ging er hard aan toe. Al snel werden hier echter regels voor opgesteld en ontstond het wedstrijdkarate dat tegenwoordig over de hele wereld wordt beoefend. Op dit moment is het Wado Karate één van de meest beoefende karatestijlen ter wereld. [‘Weg van de harmonie’] Ohtsuka overleed na 84 jaar aan het budo besteed te hebben. Op zijn grafsteen staat: “The way to practise martial arts is not fighting. Always look for your own inner peace and harmony, search for it.” Wado betekent: weg van de harmonie. Door deze naam te kiezen gaf Ohtsuka aan dat Karate-do méér is dan een methode om jezelf te verdedigen. Het is een vechtkunst waarmee de beoefenaars zichzelf kunnen ontwikkelen, zowel geestelijk als lichamelijk. 20

 

Foto's Ohtsuka

Karateschool Bezemer

vind ons op socialmedia

De eerste drie lessen zijn gratis!

Karate school bezemer

Kom een keer langs

Karateschool Bezemer is opgericht in 1978 door Gerrit Bezemer en aangesloten bij de Karate-do Bond Nederland en het NOC*NSF.